“Beschaving is dat wat de meesten krijgen, velen doorgeven en weinigen hebben.”
(Uit: Sprüche und Widersprüche (1909))

Karl Kraus (1874 – 1936), Duits-Joodse dichter en journalist

I Aftrap

Volendam, een dorp in de eredivisie? 
Veel Nederlanders verbaasden zich over het spektakelstuk dat zich ruim twee maanden geleden op de televisie ontvouwde: de implosie van lokale trots FC Volendam. Wat nu weer in dat bezopen dorp? Snel, de zoutjes!  
Mijn analyse van de huidige organisatiecrisis is allereerst cultureel (Deel I) en grijpt deels ook terug op de docuserie ‘Volendam, een dorp in de eredivisie’. Een beker die ik aanvankelijk aan mij voorbij wilde laten gaan. Bij de analyse van deze organisatiecrisis bleek zij echter onmisbaar.  
Mijn plaatsvervangende schaamte bleef grotendeels beperkt tot dat dramatische hoogtepunt (zie trailer) in het gebouw (de St. Jozef) dat beoogt ons allen te verenigen. Dit nu ging deze avond niet lukken. Dat maakte Jan Smit direct duidelijk. In alle ingehouden hevigheid komt onderhavige organisatiecrisis hier naar het oppervlakte. Geheel volgens de regels van het drama bevond dit hoogtepunt zich in de docuserie achterin de vijfde van de zes afleveringen. Waar kijken wij naar? Wat gebeurt hier? Waarom zijn wij hier überhaupt getuige van?  
Sophie Hildebrands side-kick was geschrokken van deze Jan Smit. Polderland Nederland wordt gekenmerkt door Femininiteit en een Zwakke Onzekerheidsvermijding. Nederlanders hebben vergaderen uitgevonden. Emotionele uitbarstingen die bij Volendammers als een soort veiligheids- of uitlaatklep lijken te functioneren vallen een beetje buiten die boot. Hebben emoties bij deze organisatiecrisis niet een te grote rol gespeeld?  
 
Een unieke, verprutste kans? 
Genoeg Nederlanders zullen zich afvragen waarom het FC Volendam niet lukte om gebruik te maken van een unieke kans op commercieel (Jan Smit) en voetbaltechnisch (Wim Jonk) gebied. Ik vraag het mij ook af.  
Omdat het hier ging om ‘samenwerkende’ Volendammers dient er aandacht te zijn voor de zachtere factoren en mag een cultureel perspectief op deze organisatiecrisis dus niet ontbreken. Dat is het onderwerp van dit Deel I. In het kortere Deel II focus ik op de hardere factoren (financieel en juridische omzetting). 
Al eerder verklaarde ik Volendams voetbalsucces onder andere uit haar in vergelijking met Nederland waarschijnlijnlijk hogere score op Masculiniteit. [https://www.en-clave.nl/het-onwaarschijnlijke-voetbalsucces-van-nederlands-enige-rooms-katholieke-vissersdorp-verklaard/ Volendammers hebben sympathie voor de sterke en voor de winnaar. Aflevering vijf van de docuserie wijst erop dat er ook in de bestuurskamers van FC Volendam wordt gedacht in winnen of verliezen. Aan het einde van het telefoongesprek tussen bestuursvoorzitter Jan Smit en adviseur Kees Molenaar besluit laatstgenoemde met “maar wij gaan door” (zie paragraaf III). 

Welke rol speelden culturele factoren hier? 
Waar en waarom ging dit mis en speelden culturele factoren daarbij een rol? Misten deze ‘samenwerkende’ Volendammers het culturele zelfinzicht en van daaruit de benodigde zelfbeheersing om de oplopende spanning binnen een 21e eeuwse Betaald Voetbal Organisatie (BVO) in transitie aan te kunnen? 
Schakelen veel Volendammers bij elke zweem van testosteron te snel door naar die niet altijd vruchtbare onderlinge strijd? Gunnen we elkaar te weinig? Kan er maar één de machtigste zijn, de grootste hebben ofwel de baas zijn? Culturele valkuilen zijn verraderlijk voor wie ze niet herkent.  
“Je gaat het pas zien als je het door hebt” (Cruijff).  

Indeling artikel 
In paragraaf II vertrek ik vanuit het cultuurmodel van Geert Hofstede om bepaalde kenmerken van het rooms-katholieke vissersdorp Volendam te verklaren; in het verlengde daarvan bevat paragraaf III een voorlopige reconstructie van deze organisatiecrisis; paragraaf IV gaat kort in op het ‘financiële verschil van mening’ tussen RvC en voormalig bestuur; paragraaf IV bevat mijn zorgen omtrent (het pad naar) de beoogde omzetting van rechtspersoon en paragraaf V mijn conclusies.  
Ik heb alles in vrij hapklare subparagrafen verdeeld. Wanneer cultuur (paragraaf II en III) u niet interesseert, moet u even wachten op Deel II (paragraaf IV, V en VI) dat gaat over financiële en juridische aspecten. U begint de bezichtiging dan wel op de eerste verdieping. Misschien kunt u het lezen van Deel I zien als een investering in onze voetbalclub en daarmee in onze eigen cultuur. Ik beloof u na het lezen meer zelfinzicht.  
‘Ken uzelve’ (Socrates). 

Bronvermelding 
Jaap Veerman en Jan Smit wilden geen gesprek en Wim Jonk was onbereikbaar. Gelukkig hebben we de docuserie, de social media – laat je niets wijsmaken, daar zitten voordelen aan! – en het tussenvonnis in de arbitragezaak. De circa zes doorgaans uitstekend geïnformeerde dorpsgenoten met wie ik meermaals over dit onderwerp van gedachten mocht wisselen, wilden anoniem blijven. In dit vrij explosieve dorp ligt voor in de mond het ad-hominem argument. In ondernemersdorp Volendam kost kleur bekennen als snel letterlijk goodwill. 

Analyse van een organisatiecrisis 
Mijn reconstructie blijft uiteindelijk onvolledig en daarmee voorlopig. Vanuit de mij bekende feiten kom ik uit bij vragen die alleen Jan Smit en Jaap Veerman kunnen beantwoorden. Sommige vragen zijn retorisch of moeten Volendammers voor zichzelf beantwoorden. 
Voor publicatie hebben Jan Smit, Jaap Veerman, Wim Jonk, Keje Molenaar, Henk Kras sr. en Henk Kras jr. een conceptversie ontvangen met een vriendelijk verzoek om correctie van eventuele feitelijke onjuistheden, eventuele antwoorden op de door mij gestelde vragen of andere toelichtingen. Keje Molenaar en Jan Smit reageerden (afzonderlijk), stelden geen correcties voor, maar gaven wel ieder een toelichting. Daar kom ik later op terug. Van Henk Kras jr. ontving ik een out-of-office bericht en hij verwees mij naar FC Volendam directeur Frans ten Berge. Sonny Sier gaf namens Jaap Veerman aan dat FC Volendam niet reageert op berichten in de media. Wim Kras sr. reageerde niet.  
Uit mijn soms luchtige toon moet u niet de conclusie trekken dat het allemaal wel meevalt. Het valt niet mee. Gaat u er derhalve maar eens rustig voor zitten. Buiten zal het wel regenen.  

II Organisatiecrisis FC Volendam vanuit Hofstedes cultuurmodel  
 
Een autocraat of rollebollend over straat?  
Om bepaalde culturele aspecten – voetbalsucces, lage kunst- & cultuuruitgaven en stemgedrag – te kunnen verklaren, gebruikte ik al eerder het oorspronkelijk uit vier tweepolige dimensies bestaande cultuurmodel van Geert Hofstede. Voor een toelichting op de Volendamse cultuur in vergelijking met die van Nederland verwijs ik naar mijn hiervoor gelinkte publicaties. Naar mijn mening scoort Volendam flink hoger op Collectivistisch, Masculiniteit, Hoge Machtsafstand en Sterke Onzekerheidsvermijding. 
Mijn trouwe lezers weten dat vanwege ons rooms-katholicisme onze cultuur wordt gekenmerkt door een Sterke Onzekerheidsvermijding. [https://www.en-clave.nl/de-politiek-achter-het-kunst-cultuurbeleid-binnen-de-kom-volendam-deel-iii/ Hofstede: “De onzekerheid die inherent is aan het bestaan, wordt ervaren als een voortdurende bedreiging die men onder controle moet krijgen.” Deze lage tolerantie voor existentiële onzekerheid wordt zichtbaar in de behoefte aan duidelijkheid die veel Volendammers kenmerkt. De gemiddelde Volendammer bestrijdt existentiële onzekerheid door verder zoveel mogelijk alles zeker te weten. Vooral in groepsverband. 

Kwadrant met vier verschillende voorkeuren 
Onzekerheidsvermijding (Sterke versus Zwakke) en Machtsafstand (Grote versus Kleine) zijn de twee dimensies die van invloed zijn op de wijze waarop leden van een cultuur zich organiseren. Met Onzekerheidsvermijding op de y-as en Machtsafstand op de x-as vormen deze twee dimensies bij Hofstede een kwadrant met vier soorten organisaties: de piramide (respectievelijk Sterke Onzekerheidsvermijding en Grote Machtsafstand, bv. veel R.K.-culturen waaronder Frankrijk), de familie (Zwakke en Grote, bv. China), de machine (Sterke en Kleine, bv. Duitsland) en de markt (Zwakke en Kleine, bv. Nederland, Verenigd Koninkrijk en USA).  
Diametraal tegenover de piramide staat de markt als organisatiemodel. Daar gaat men er vanuit dat de mensen op de werkvloer het onderling wel regelen. Het is geen toeval dat de drie laatstgenoemde culturen een belangrijke rol hebben gespeeld bij de opkomst van het moderne kapitalisme. Het hoogtepunt van Volendams favoriete organisatievorm stamt van daarvoor. 

Uit een Sterke Onzekerheidsvermijding en een Hoge Machtsafstand – op Volendam zaten schippers en knechten niet in hetzelfde café – vloeit dus een voorkeur voort voor de piramide (kwadrant IV) als organisatiemodel. Structuur volgt uit cultuur. Een gelaagde structuur met een gecentraliseerde beslissingsbevoegdheid hoog in de organisatie. In veel Volendamse organisaties is die piramide duidelijk zichtbaar. Ook de rooms katholieke Geert Wilders liet zich bij het vormgeven van zijn op Volendam zeer populaire partij inspireren door de oudst-nog-bestaande-organisatie-ter-wereld. Ruim tweeduizend jaar oud word je niet vanzelf. De Partij Voor de Vrijheid (what’s in a name?) is een gesloten autocratie zonder inspraak, die weinig inzicht geeft in haar eigen functioneren, waardoor kennis daarover vrijwel geheel ontbreekt. Prima voor veel Volendammers. Voor veel eigen organisaties geldt het ook. Democratisch is het niet. 

Piramides en pluche-plakkers 
Wegens het ontbreken van een wettelijke tegenmacht blijft de stichting op Volendam mateloos populair. Ook FC Volendam is een stichting. Veel Volendammers vinden democratie al vrij snel gelul. Ze hebben er niet zoveel mee. Hoewel een autocraat niet altijd de betere beslissingen neemt, biedt hij wel meer duidelijkheid, en dat bespaart tijd. En tijd is geld in Volendam (kenmerk Sterke Onzekerheidsvermijding). Bovendien heeft een botter maar één schipper.  
Ongeacht doel, primaire proces of de hectiek van de omgeving willen zich organiserende Volendammers vooral duidelijkheid, eenvoud en geen inspraak. Een gelaagde organisatie (kenmerk Grote Machtsafstand) met vooral één baas (kenmerk Sterke Onzekerheidsvermijding) geniet de voorkeur. Bovendien houden Volendamse bestuurders in ons semi-publieke domein zich doorgaans aan geen enkele bestuurstermijn. Net als de paus benoemd tot de dood erop volgt. Zij beslissen zelf wanneer zij aftreden. Volendamse organisaties moeten ook naar een maximale bestuursperiode van acht jaar. Binnen die periode dient er dus ook een opvolger te worden klaargestoomd. Geen opvolgers opleiden maakt iemand immers ‘onmisbaar’. Zo ontstaan de koninkrijkjes waar Volendam er nog altijd enkele van telt. 

Een vooral met jaknikkers bevolkte eenmanszaak 
Tijdens mijn periode als RvC-lid bij Stichting RKFC Volendam werd zij geleid als een met jaknikkers bemande eenmanszaak. Met als gevelversiering wat voorgeschreven RvC-bijeenkomsten die te vaak te veel weg hadden van een rituele dans. Tegenspraak was grotendeels al geëlimineerd en kritische vragen werden niet gewaardeerd. De organisatie wordt een verlengstuk van haar bestuurder, zijn blinde vlekken worden de hare. Uiteindelijk leidt dit tot stagnatie ofwel Kras VII. Volgens iemand wiens voetbaltechnische kennis en ervaring in voetbalorganisaties ik hoog inschat, kun je met een dergelijke bedrijfscultuur niet het volledige potentieel uit (de mensen binnen) een BVO halen. Of de nieuwe juridische structuur nu wel of geen realiteit wordt, FC Volendam dient – afgezien van deze korte tussenfase – m.i. niet van de weersomstuit automatisch terug te keren naar die zo aanbeden  Volendamse piramide. 

Sterke Masculiniteit: duidelijk gescheiden sociale sekse-rollen  
De dimensie Masculiniteit is net als de dimensie Collectivistisch niet van invloed op de organisatie zelf maar wel op de mensen die er werken. Dat beïnvloedt eerder de organisatiecultuur dan de organisatiestructuur. Hofstede: “Een samenleving is Masculien als sociale sekse-rollen duidelijk gescheiden zijn: mannen worden geacht assertief en hard te zijn en gericht op materieel succes; …”  Onze masculiniteit is geworteld in het rooms-katholicisme – de bijzondere positie van de H. Maria als belichaming van de ideale moeder die de vrouw tot voorbeeld strekt – maar vooral in ons visserijverleden. Onze mannelijke voorouders schitterden door afwezigheid. Tijdens de opvoeding bijvoorbeeld. Elders beredruk overal een wedstrijd van te maken. Dat doen mannen onder elkaar. Het vissen zélf was hier een wedstrijd en het scorebord hing op zaterdagmiddag in de lokale visafslag St. Vincentius!

Tijdens de gezamenlijke wandeling over de Dijk, na de zondagse Hoogmis, droeg de winnaar van de week met moeder de vrouw aan de arm de korenblauwe revers van zijn blempiesbaai het verst naar buiten. Piet Veerman (123-show Ted ter Braak, seizoen 1984/1985) en Jan Smit lieten zich er beiden in fotograferen. De symboliek zal hen niet zijn ontgaan: wie vangt hier het meest? Volendammers zijn ‘groôsk’ (Nederlands: trots). Vanwege de zichtbaarheid doet van elkaar verliezen het meeste pijn. Leer mij onze piraten kennen. 

Conflicten oplossen door ze uit te vechten  
Conflicten oplossen door ze uit te vechten – dus niet onderhandelen om compromissen te bereiken –, vormt binnen Hofstedes cultuurmodel een kenmerk van Masculiniteit. Dat een Volendamse man die masculien gedrag vertoont testosteron begint uit te wasemen, maakt hem heel besmettelijk voor dorpsgenoten. Stoere-mannen-macho. 
Eerder stelde ik Keje Molenaars opmerking als een voorbeeld van de strijd die kenmerkend is voor masculiene culturen. Jan Smits onverzoenlijke opstelling aan het begin van de bijeenkomst d.d. 16 november jl. ook. Idem dito Team Jonks persbericht d.d. 1 december jl. in reactie op het ontslag van het bestuur de dag daarvoor: ´wij gaan stoppen bij FC Volendam´. Team Jonk leek vanuit de heup (vol emotie) te schieten, en kwam er dan ook op terug (zie paragraaf III voor de kern van het geschil).  
Dat FC Volendam voor de derde keer in korte tijd betrokken is bij een arbitragezaak vind ik veelzeggend. ‘Rotte vis vliegt in het rond in Volendam’ kopte de Telegraaf 8 februari jl. Direct zit ik daarmee in een Asterix-aflevering. Daar zit het gehele dorp aan het eind van het avontuur aan het banket. Hier niet.  
Overigens zal een anonieme enquête onder Volendamse ex-voetballers bevestigen dat FC Volendam nooit een sympatieke organisatie is geweest. Niemand is groter dan de club. 
‘Ergewerende’ (Nederlands: ruziemakende) Volendammers bereiken met gemak de zevende trede van Glasls escalatieladder. Na negen treden zit je gezamenlijk in de afgrond. “Jongens, daar gaat ie, hup, de tanden op elkaar! / Strijden tot het laatste…” (clublied FC Volendam). 

Agressie en gevoelens mogen op de juiste plaatsen en tijdstippen worden geventileerd   
Een kenmerk van Sterke Onzekerheidsvermijding is dat agressie en gevoelens op de juiste plaatsen en tijdstippen mogen worden geventileerd. Hofstede nam het wel op in zijn tabel, maar lichtte het niet verder toe. Ik kan mezelf er echter wel iets bij voorstellen. Volendammers zijn of te stil of te luid, en in het laatste geval vaak met veel emotie. Daarom hebben wij zoveel zangers. Sublimatie noemde Freud dat. 
Ook bij voetbal kun je in wezen tribale emoties uiten die je bij weinig andere gelegenheden kwijt kunt. Dat is de gein ervan. Aanmerkelijk minder geinig wordt het wanneer de emotie van de tribune, het veld en de kleedkamer kniehoog doorloopt tot in de bestuurskamer, en soms zelfs tot in het verenigingsgebouw.  
Het doel van het bestuur en Team Jonk om de plannen voor FC Volendam 3.0 toe te lichten was legitiem, de toon van voorzitter Jan Smits openingswoord was dat niet.  
Wanneer niet geuite gevoelens (kenmerk Masculiniteit) als emoties naar buiten komen, wordt dat ook wel ‘zegeltjes plakken’ genoemd. Tijdens zijn korte openingsspeech in een volle Jozef bleek bestuursvoorzitter Jan Smits zegelkaart vol. Met duidelijk zichtbare, ingehouden woede zette hij een kettingreactie van emoties in werking die onherroepelijk leidde naar een dramatisch hoogtepunt. Dit verzorgde Jaap Veerman door technisch directeur Jasper van Leeuwen herhaalde vraag – “waarom is Keje Molenaar als bestuurder afgewezen?” – te beantwoorden met dat hij Keje Molenaar niet voor de bus wilde gooien. Hem daarmee feitelijk voor de bus gooiend. Jasper van Leeuwen ging hier gezien zijn functie m.i. behoorlijk buiten zijn boekje (zie paragraaf III).  
Waar ik Masculiniteit (wedijver) en Collectivistisch (teamgedrag) al eerder aanwees als een belangrijke culturele pijler onder ons voetbalsucces, lijkt het eerste kenmerk samen met het hiervoor weergegeven aspect van onze Sterke Onzekerheidsvermijding funest te zijn gebleken in de bestuurskamers.  
Stoïcijnen beschouwen emotie als een vlaag van verstandsverbijstering die zij leerden te beheersen. Nu wij nog. 

Het halo-effect bij Jan Smit 
Binnen Collectivistische culturen zoals de Volendamse zijn vaker machtige personen met aanzien zichtbaar. Ondernemers, jongens van de gestampte pot, die als een soort lokale economische elite aanzien genieten. Een deel van hen haalde Jan Smit met ervaring in een volstrekt ander métier over om voorzitter te worden. Het trekken van zoveel mogelijk publiek vormt de niet onlogische overeenkomst. Alles wat hij doet verandert in goud, dus dat zal nu ook wel gebeuren. Dit staat bekend als het halo-effect. Het speelt in Volendam nog steeds een grote rol. Onze Bekende Volendammers (BV-ers) laten zich het graag aanleunen. Jan Smit zal het aanbod vooral op basis van pure clubliefde hebben geaccepteerd. Ik heb mij laten vertellen dat hij het eerst niet wilde. Of er bij hem (uiteindelijk) toch ook sprake is geweest van zelfoverschatting – hybris volgens de Oude Grieken – is een vraag die hij voor zichzelf zal moeten beantwoorden. 

Progressieve versus conservatieve krachten? 
In de docuserie wordt ook de strijd tussen conservatieve (Henk Kras sr. en de vissers) en progressieve (Jan Smit & Team Jonk (inclusief adviseur Keje Molenaar)) krachten aan de orde gesteld. Ook Wim Jonk constateert dat in zijn Telegraaf-interview d.d. 12 december 2023. Tijdens de opening credits van de docuserie vat een van de drie visserbroers met een soort visserswijsheid in één zin zowel een gemoedstoestand, een levensopvatting, als ook het spreekwoordelijke Volendamse conservatisme samen: “Een verandering is niet altijd een verbetering”.  
Dit nu wil ik ook geenzins beweren. Wel dat geen of te weinig verandering ons veroordeelt tot de Keuken Kampioen Divisie. Op vrijdagavond met 1.200 toeschouwers en tosti’s. Dat lijken we allemaal toch niet te willen. Het stadion zit vol en dat telt. Het Kras-model was na Kras VI uitgewerkt en voor Smit I inclusief het Team Jonk-model geldt hetzelfde. Wat nu? 

Een onvruchtbare en uiteindelijk disfunctionele relatie 
Wat is er op het persoonlijke vlak misgegaan in de vanuit juridisch-organisatorisch oogpunt meest cruciale relatie binnen deze organisatie: die tussen de voorzitter van het bestuur (Jan Smit) en RvC-voorzitter (Jaap Veerman)? In mijn tijd als commissaris luisterde die tweede vooral naar die eerste. Hier was eerder het tegenovergestelde het geval. In het eerste is stagnatie ingebouwd en dat laatste heeft geen enkel bestaansrecht.  
Waarom lukte het de één generatie oudere Jaap Veerman niet om Jan Smit te coachen? Bezit Veerman daarvoor niet de juiste ‘people skills’? Heeft Jan Smit wat managementcursussen gevolgd of was dat niet nodig? Hebben ze voldoende naar elkaar geluisterd? Waar en wanneer ging het relationeel mis tussen hen? Bij het ‘nee’ tegen Keje Molenaar (zie ook Facebookbericht d.d. 27 november jl.) of al bij het, volgens mij eerdere, ‘nee, mits’ tegen Team Jonk?  
Volgens het bestuur werd zij tegengewerkt door RvC-voorzitter Jaap Veerman. In zijn persverklaring beweert Jaap Veerman hetzelfde over het bestuur. Jaap de Groot gaf in een NPO radio-interview aan dat het ‘umfeld’ rondom Jan Smit en Wim Jonk heeft gefaald.  
Toch is ook Jan Smit verantwoordelijk voor zijn onvruchtbare en al snel disfunctionele relatie met Jaap Veerman. Het heeft de vanuit juridisch oogpunt cruciale verhouding tussen bestuur en toezicht onmogelijk gemaakt.  

Uit deze paragraaf II blijkt vooral dat het cultuurmodel van Hofstede inzicht kan verschaffen in hoe Volendammers zich bij voorkeur organiseren en hoe zij zich binnen hun eigen organisaties kunnen gedragen. Daarbij liep ik soms vooruit op paragraaf III waar ik voornoemde culturele hypothese aan een reconstructie van deze organisatiecrisis toets.  

III Reconstructie van een gezamenlijk falen 

Molenaars rol bleef te lang onduidelijk 
Ik begin bij Keje Molenaar omdat hij bij het inlijven van Team Jonk een belangrijke rol heeft gespeeld. Daarvoor verdient hij de credits. Minpunten en onduidelijkheden waren er echter ook. Ik begin met dat laatste. In de periode dat de overeenkomst met Team Jonk werd gesloten, leek Molenaar commissaris (voorzitter) te worden, vervolgens directeur Externe Betrekkingen, daaropvolgend was hij facturerend adviseur, om tenslotte de rol van bestuurslid te ambiëren. Dit lijkt op strategisch gedrag. Vervolgens bevestigde hij, voordat het was bekrachtigd door de RvC, op televisie, dat hij bestuurslid zou worden. Op een onbegrijpelijke, onprofessionele manier sneed hij zichzelf – een advocaat – daarmee in de vingers.  
Jan Smit vertrouwt blind op zijn vriend Keje Molenaar, die hij op juridisch en voetbaltechnisch gebied feitelijk niet van een inhoudelijk weerwoord kan voorzien.  
Dat de invloed van Team Jonk groter zou zijn geworden i.p.v. kleiner, lijkt mij voor de RvC voldoende motivatie om niet akkoord te gaan met Molenaars benoeming. Waarom hield Jaap Veerman het daar  niet op in de Jozef?  
Dat Jan Smit – die Molenaar natuurlijk vanwege zijn eigen gebrek aan kennis als de ideale rechterhand zag – diep teleurgesteld (zie ook zijn Facebookbericht d.d. 27 november jl.) was, kan ik mij heel goed voorstellen. Kwam hij deze teleurstelling niet meer te boven? Was dit dé druppel die zijn slechte relatie met Jaap Veerman als een volle emmer deed overlopen? 

Smit en Molenaar gaan de strijd aan  
In de docuserie vindt een telefoongesprek plaats tussen Jan Smit en vriend en adviseur Keje Molenaar (afl. 5, twaalfde minuut e.v., zie NPO gemist) nadat eerstgenoemde per 1 februari 2023 van de RvC een email had ontvangen. Smit leest de drie RvC besluiten voor. De eerste was dat Molenaars benoeming als vice-voorzitter van het bestuur unaniem werd afgewezen. Als advocaat weet Molenaar dat het bestuur zich hier bij neer moet leggen. Ook wanneer de voorzitter Jan Smit heet. De derde ‘beslissing’ is dat de “RvC unaniem van mening is dat de huidige constructie met Team Jonk niet wordt voortgezet na 30 juni, derhalve dienen de contracten voor 1 april opgezegd.”  De RvC gaat hiermee op de stoel van het bestuur zitten. Dit gaf Jan Smit ook aan in zijn schriftelijke toelichting aan mij (zie paragraaf I).  
Keje Molenaar na het voorlezen tegen Jan Smit: “In die RvC zit nul voetbalkennis”. Molenaar heeft gelijk. De ironie van de situatie is wel dat hij daar, omdat hij oorspronkelijk commissaris zou worden, medeverantwoordelijk voor is.  
Aan het einde van dit korte telefoongesprek zegt Molenaar tegen Smit: “Maar wij gaan door.”  
Misschien was het eigenlijke gesprek al gevoerd, waren ze samen al tot deze conclusie gekomen en speelden ze hier zichzelf. Dat zou kunnen. Als een advies klinkt het in ieder geval niet. In masculiene culturen zoals de Volendamse worden mannen volgens Hofstede geacht assertief, ambitieus en hard te zijn. Werd hier de strijd aangegaan? En wie bedoelde Molenaar met ‘wij’? Jan Smit en hij, of Jan Smit, hij en Team Jonk?  
Op 7 maart 2023 deelt het bestuur van FC Volendam, voor de RvC daarvan op de hoogte te stellen, met de media dat de arbeidsovereenkomsten met (onder meer) Jonk en Kohler worden verlengd met drie jaar. De RvC was begrijpelijkerwijs not-amused.  

Molenaar toch voor de bus  
Wie werd door wie een ‘dolk in de rug gestoken’ en waar bestond die ‘poppenkast’ van Jaap Veerman uit waar Jan Smit in de Jozef over begon? Waarom zo’n belangrijke bijeenkomst zo beginnen? Veel te hoog in zijn emotie leek Smit even de regie kwijt. Volgens het bestuur schond Jaap Veerman later deze avond de vooraf met Jan Smit gemaakte afspraak door toch over de financiën te beginnen. Onaangenaam verrast, reageerde Jan Smit met de vraag waarom Keje Molenaar werd afgewezen als bestuurslid. Hij kende de redenen daarvan al. Zijn vriend bewees hij hiermee geen dienst. Technisch directeur Jasper van Leeuwen voerde de druk op Jaap Veerman verder op: “Waarom is Keje Molenaar afgewezen als bestuurslid?” Ondanks dat Jaap Veerman van aanwezigen bijval kreeg – niet doen Jaap! – liet hij zich toch uit de tent lokken: de docuserie had zijn dramatische hoogtepunt.  
Waarom zei Jaap Veerman niet dat met Keje Molenaar de invloed van Team Jonk te groot zou zijn geworden? Samen tekenden Jan Smit en Jaap Veerman met de noodzakelijke medewerking van technisch directeur Jasper Van Leeuwen voor het oog van geheel Nederland voor een dramatisch dieptepunt in de geschiedenis van (FC) Volendam. Driewerf bah.

Waarom stelt Jan Smit de RvC een ultimatum? 
In de NIVO van 18 oktober jl. stond boven het tweede interview met bestuursleden Jan Smit en Hans Bond de kop ‘Willen mensen dat we een KKD-club zijn, prima, maar dan geven wij het sleuteltje over’. Een maand later gaat Jan Smit tijdens de gezamenlijke vergadering 16 november jl., waarin het voorstel FC Volendam 3.0 definitief aan de RvC wordt gepresenteerd, nog een stap verder door aan het begin van de presentatie aan te geven dat het bestuur zal aftreden indien dit voorstel niet in zijn geheel wordt geaccepteerd. Een ultimatum heet dat. Waarom zet Smit de RvC voor het blok? Bovendien kan hij nu geen kant meer op. Waarom zulk hoog spel spelen? 

Vier verdedigbare wijzigingen 
In de brief d.d. 21 november jl. geeft Jaap Veerman aan drie wijzigingen (eigenlijk vier) door te zetten en het aftreden van het bestuur als consequentie daarvan te aanvaarden: “Graag wordt de RvC op korte termijn geïnformeerd wie exact opstappen en welke tijdslijnen daaraan verbonden zijn.” Het aftreden van het bestuur leek daarmee een formaliteit. Waarom bood Veerman niet aan om de vier, mijns inziens verdedigbare, wijzigingen nog eens in kleine commissie toe te lichten? Omdat hij dit schreef na het emotionele telefoontje met Jan Smit d.d. 21 november jl. Jan Smit zei volgens Jaap Veerman: “En nu is het oorlog. Ik wil jou nooit meer één op één spreken”. Vervolgens is Jaap Veerman zijn brief gaan schrijven, om die nog dezelfde avond per email te verzenden. Overigens ontkent Smit het voorgaande te hebben gezegd.  
 
De gang naar Canossa niet maken  
In zijn facebookpost d.d. 27 november jl. geeft Jan Smit aan, de dag daarvoor via email te hebben vernomen dat het mogelijk ontslag van het bestuur 30 november jl. was geagendeerd. Maar hij zou toch sowieso aftreden zoals hij 16 november jl aankondigde? In dezelfde post geeft hij echter aan niet naar voornoemde vergadering te gaan omdat ‘een kalkoen niet naar het kerstmaal loopt’.  
Wat stond er in die email van 26 november jl. (zondagavond na AZ – FC Volendam (3-0)) wat niet in de brief van 21 november jl. stond?  
Tijdens de persverklaring d.d. 1 december jl. gaf Veerman aan dat ze er uit hadden kunnen komen, ‘al hadden ze de hele nacht door moeten gaan’. De genomen financiële risico’s en daaruit voortvloeiende financiële situatie (zie paragraaf IV) vormden blijkbaar geen definitieve breekpunten. Maar terugkomen op zijn ultimatum d.d. 16 november jl. zou voor Jan Smit gezichtsverlies hebben betekend. Is de weigering om een gang naar Canossa te maken geen passendere metafoor voor zijn handelswijze? Was hij te ‘groôsk’? 

Hierna focus ik vooral op Team Jonk en op (de vraag) wat daarna komt. 

Team Jonk: een organisatie binnen een organisatie blijft linke soep 
Keje Molenaar heeft bij het binnenhalen van Team Jonk een cruciale rol gespeeld. Inmiddels weten wij dat de wijze waarop de samenwerking tussen FC Volendam en Team Jonk juridisch en organisatorisch – de latere benoeming van Jasper van Leeuwen als technisch directeur deed daar nog een schepje bovenop – is vormgegeven, een splijtzwam en daarmee een belangrijke oorzaak van de huidige organisatiecrisis is gebleken. Wie was binnen FC Volendam – waar op geen enkel van de drie bestuursniveaus juridische kennis aanwezig was en is – verantwoordelijk voor het sluiten van de overeenkomst met Team Jonk? Was het bij Team Jonk ‘take it or leave it’, en was het voor FC Volendam Team Jonk of Kras VII? Een vlucht naar voren? Feit blijft wel dat deze overeenkomst de kiem voor de uiteindelijke mislukking bevat. Of was deze samenwerking uiteindelijk sowieso tot mislukken gedoemd? Een opwindend, maar waarschijnlijk duur ritje. Volendammers zijn de Chinezen van Nederland en houden wel van een gokje. 

Binnen voetbalorganisaties neemt het primaire proces een bijzondere positie in. Het primaire proces in enge zin voltrekt zich elk weekend voor onze ogen. Het primaire proces in brede zin lijkt alleen toegankelijk voor ingewijden met veldvoetbalstatus. Voetballers gebruiken deze status wanneer zij zich door een BVO bewegen. Wim Jonk scheen zich overal tegenaan te bemoeien. Bet City mocht geen sponsor zijn omdat dit niet overeenkwam met de waarden van Team Jonk. We hebben het hier over FC Volendams middelvinger naar haar eigen jeugd met een groot gokprobleem. Maar Jonk ging daar niet over. 
Zeker in dit geval lijkt het primaire proces een organisatieonderdeel te zijn met een geheel eigen cultuur. De titel van Ruben Jongkinds plan ‘Op weg naar een georganiseerde chaos, op weg naar succes’, staat haaks op de wijze waarop Volendammers iets organiseren (zie paragraaf II). Deze organisatiecrisis werd deels veroorzaakt door duidelijke cultuurverschillen. Had dit ooit goed kunnen gaan?  

Misschien geen B.V. in de club zoals Jonk in De Telegraaf d.d. 12 december jl. aangaf, maar m.i. wel degelijk een organisatie binnen een organisatie: “Net als bij Ajax komen wij pas in conflict als er sprake is van destructieve politieke spelletjes. Dan zij wij principieel en gaan onze normen en waarden voor het baantje(vet: MT).” Waarom floot Wim Jonk technisch directeur Jasper van Leeuwen en hoofd opleidingen Ruben Jongkind niet vaker terug, toen bleek dat zij ruzie maakten en mensen daarom de organisatie de rug toekeerden (luister ook: Jaap de Groot in een radio-interview bij de NPO)? Dat bij een conflict tussen Team Jonk en FC Volendam hun primaire loyaliteit bij eerstgenoemde partij zal liggen, bleek ook al uit hun gezamenlijke vertrek bij Ajax. Het Algemeen Dagblad / Tubantia (“Wat je met ‘Team Jonk’ in huis haalt: successen die gepaard gaan met conflicten”) d.d. 9 december bevatte een analyse van Team Jonk. Met zijn interview in de Telegraaf slaagde Wim Jonk er mijns inziens niet in deze kritiek te weerleggen. Waarom interviewde de Telegraaf Jongkind en Van Leeuwen niet?  

Hierna werp ik een blik op de nabije toekomst. 

De juridische nasleep 
In paragraaf II gaf ik aan dat de houding van beide strijdende partijen (FC Volendam versus Team Jonk) kan worden gezien als een kenmerk van Masculiniteit (zie ook paragraaf II). Even een korte update. Op 1 december jl. geeft Team Jonk in reactie op het ontslag van het bestuur in de media aan: “Wij gaan stoppen bij FC Volendam”. Op 3 december jl. geeft FC Volendam aan dit ontslag te accepteren. Team Jonk geeft nog dezelfde dag schriftelijk aan dat dit geen werkelijke opzegging was. Op 5 december wordt Kohler vanwege de opzegging de toegang tot het kantoor van FC Volendam ontzegd. Op 4 januari jl. spant FC Volendam arbitragezaken aan tegen Kohler en Jonk wegens het niet in acht nemen van de opzeggingstermijn. Op 7 februari jl. geeft de arbitragecommissie Kohler en Jonk in haar tussenvonnis gelijk: dit was geen opzegging. Beide partijen sloegen het advies om in onderhandeling te treden (aanvankelijk) in de wind. Voor de beoordeling van FC Volendams subsidiaire vordering dat er sprake was van een verstoorde arbeidsrelatie is het wachten op het eindvonnis.

Gaat FC Volendam pronken met andermans veren? 
Jonk merkt in voornoemd interview verder het volgende op: “De RvC en twee zakelijke directeuren willen pronken met de kennis en resultaten van anderen, terwijl ze zelf nooit enige visie of kwaliteiten hebben getoond.” Toen Team Jonk in juli 2019 begon, kon FC Volendam inderdaad niet op een visie worden betrapt. Hoe gaat het huidige bestuur FC Volendam 3.0 vormgeven zonder de mensen die haar hebben ontworpen? Een doorgaans goed ingelichte informant vertelde mij dat dit helemaal de bedoeling niet is. Dat zou haaks staan op Jaap Veermans persverklaring d.d. 1 december jl. dat ze m.u.v. drie punten het bestuursvoorstel FC Volendam 3.0 zouden overnemen. Of sprak Veerman alleen over de juridische structuur? Zal de jeugdopleiding worden ingericht zoals in FC Volendam 3.0 de bedoeling was? Houden wij een levensvatbare jeugdopleiding?  
En dan dat gaapverwekkende beroep op oudgedienden als onvermijdelijk ritueel. Mij geeft het vooral het gevoel dat we in een vicieuze cirkel ronddraaien. Veel mensen die voor mei 2019 een belangrijke rol speelden, lijken weer terug te zijn en schijnen te worden benaderd door Henk Kras jr. Is dat trouwens de taak van een commissaris? Gaan deze oudgedienden FC Volendam 3.0 uitvoeren of gaan zij doen wat ze altijd hebben gedaan? Mij is niet duidelijk wat het huidige bestuur nou wel en niet overneemt van het voorstel FC Volendam 3.0 d.d. 16 november jl. Kunnen wij dan wel beoordelen of een omzetting van rechtsvorm wenselijk is?  
 

Zijn wij getuigen van een coup zoals ex-bestuurslid Hans Bond in de NIVO van 11 oktober jl. beweerde? 
De continue aanwezigheid van ex-voorzitter Henk Kras sr. in de serie valt natuurlijk op. In zekere zin is hij de ultieme Volendammer. Alles wat hij weet, over alles, weet hij ook zeker. Voor Volendammers onweerstaanbaar (zie paragraaf II). Waarom besteden de documentairemakers zoveel aandacht aan degene die verantwoordelijk is voor hospitality? Omdat zij hem herkennen als een belangrijke kracht op de achtergrond.  
Op vrijdagmorgen bij de koffie op de club vertelt Kras sr., die weinig schaamte lijkt te kennen, voor de camera wel even hoe het zit, én dat Jonk het niet begrijpt. Jonk zal met gekrenkte dorpsego’s onder meer op hem hebben gedoeld. Of hij groôsk is weet ik niet, ijdel is hij zeker.  
Als voorzitter van het bestuur ruimde Kras sr. alleen het veld wanneer zijn zoon Henk Kras jr. zitting nam in de RvC. Hiermee legde hij een bom onder de toekomstige samenwerking tussen de RvC en het bestuur. Uiteindelijk ook de reden waarom het bestuur de RvC onvoldoende informeerde? ‘Een plantje dat je schuin in de grond zet, groeit nooit meer recht’, zou mijn vrouws tante Gaar (Prop) zaliger zeggen. 
Indien Henk Kras jr.  – met Henk Kras sr. als souffleur ofwel Kras VII – in de nabije toekomst voorzitter wordt van het bestuur van FC Volendam zal de conclusie dat er inderdaad sprake is geweest van een coup haast onontkoombaar zijn.

Vernieuwbouw i.p.v. ‘t Skip 
20 januari jl. geeft Jaap Veerman bij NH-nieuws aan dat het (ver)nieuwbouw wordt op de huidige locatie. Een verstandig besluit. Een dorpsclub hoort midden in de gemeenschap. Dat Skip was minimaal een stap te ver. Maar wie gaat dorpsclub FC Volendam binnen vijf jaar aan ca 7.000 (?) Purmerenders en West-Friezen verkopen? Immers een noodzaak bij een groter stadion. Is het niet Jaap Veermans plicht om een opvolger te kiezen die Jan Smits capaciteiten als ambassadeur voor FC Volendam kan behouden? Waarom neemt Jan Smit de hospitality van Henk Kras sr. niet over? Blijft die gewoon de vuilnisophalen.  

Conclusie Deel I
 
De onderlinge wedijver die Volendammers kenmerkt, leidde hier tot een onvruchtbare strijd om de macht tussen conservatieve en progressieve krachten, een strijd die onder emotionele Volendammers al snel leidt tot een uitslaande brand. Daarin zagen we van teveel Volendammers niet hun beste zelf. Niet alleen binnen maar ook buiten de organisatie. Komt het gebrek aan chemie tussen Jan Smit en Jaap Veerman als een volledige verrassing? Is er van tevoren een inschatting gemaakt van het slagen van hun samenwerking? Dat de cultuurverschillen tussen FC Volendam en Team Jonk onoverbrugbaar bleken mag geen verwondering wekken. Volendammers hebben een ingebouwde weerzin tegen innovatie. Dat de academici van Team Jonk dat hebben onderschat en te vaak de botte bijl hanteerden pleit niet voor hun realiteitszin. Structuur volgt uit cultuur. Om de kans op herhaling te verkleinen, heb ik het culturele inzicht in dit echec willen vergroten. Volendammers moeten cultureel zelfbewuster worden. Wanneer wij de risico’s leren herkennen kunnen we de scherpe randjes er misschien vanaf halen. “Onderzoek alles, en behoud het goede” (Paulus). 
Beschikt de organisatie FC Volendam over lerend vermogen? Zo niet, vergeet die eredivisie dan. Team Jonk stond voor cultuurverandering. Uit FC Volendam 3.0 sprak een visie. Wat zal het rendement zijn van de tijd, kennis en energie die is geïnvesteerd in het ontwerpen van FC Volendam 3.0? Ik vrees het ergste. Staan wij aan het begin van wederom een visieloos tijdperk? Tussenpaus Jaap Veerman heeft veel invloed op wie zijn opvolger wordt. Onder meer daarop dient hij uiteindelijk te worden beoordeeld. 

In Deel II komen de hardere factoren (financiële en juridische) aan bod.  

Achtergrond en verantwoording  
Eddy Veerman constateerde in december 2018 [https://www.en-clave.nl/voetbal-in-volendam-verleden-heden-en-toekomst/ dat fouten uit het verleden zich blijven herhalen. Wij zijn niet zo vrij als wij denken. Zou wat meer cultureel zelfinzicht ons kunnen helpen? Paragraaf II vormt voor wie daarin durft te kijken een (lach)spiegel.  
Hoewel degradatie zeker voor uitstel en misschien wel afstel zal zorgen, lijkt FC Volendam uiteindelijk de onomkeerbare weg van stichting naar BV in te willen slaan. Ik ben daar niet per definitie tegen. Wel heb ik mijn zorgen over de zorgvuldigheid waarmee de weg daarnaartoe wordt bewandeld, en kanttekeningen bij de vertegenwoordiging van de niet-financiële belangen in de beoogde RKFC Volendam B.V. Deze zorgen wegen bij mij zwaarder dan de terughoudenheid die ik als ex-commissaris van FC Volendam (2007-2011) dien te betrachten. Ik ben eerst Volendammer en dan pas ex-commissaris. Bovendien is het lang geleden. En ik zit in geen enkel kamp. 

0 Shares:
You May Also Like