Adam (Andrew Scott) is een eenzame veertigjarige vrijgezel. Hij woont in een
Londens flatgebouw dat grotendeels leegstaat omdat het nog pas net is opgeleverd.
Als scriptschrijver heeft hij geen contact met collega’s, zijn vrienden zijn de stad uit
verhuisd. Hij brengt zijn dagen door met schrijven, tv-kijken, chips eten op de bank,
luisteren naar muziek. Als een buurman Harry (Paul Mescal), die ook eenzaam is
hem dronken opzoekt om samen wat te drinken (of meer) wijst hij hem in eerste
instantie de deur.
Voor een schrijfopdracht brengt hij een bezoek aan zijn ouderlijk huis. Dat ziet er nog
hetzelfde uit als vroeger. Zijn ouders blijken er nog te wonen, En ze zien er hetzelfde
uit als dertig jaar geleden, toen ze zijn omgekomen bij een auto-ongeluk. Ze willen
heel graag weten hoe het met hem gaat en zijn erg blij te horen dat hij goed terecht
is gekomen. In de loop van een aantal bezoeken durft hij hun ook vertellen dat hij
gay is. Daar wordt begripvol op gereageerd, weliswaar met de vooroordelen over
homoseksualiteit uit de jaren ’90 (gevaar van AIDS, niet kunnen trouwen, geen
kinderen kunnen krijgen). Deze gesprekken helpen hem om samen met zijn ouders
de trauma’s uit zijn jeugd te verwerken. Hij werd gepest op school en werd daarbij
niet geholpen door zijn ouders. Als hij zat te huilen op zijn kamer durfde zijn vader
hem niet te troosten. De schok van het overlijden van zijn ouders en daarna
opgevoed worden door zijn oma.
Gestimuleerd door deze ontmoetingen, zoekt hij weer contact met zijn buurman
Harry. Er ontstaat langzaam en voorzichtig een liefdesrelatie. Voor Adam lijkt het
leven zich ten goede te ontwikkelen. Totdat Harry mee gaat op bezoek bij zijn ouders.
Of de gebeurtenissen fantasie zijn of koortsdromen of sciencefiction doet niet er niet
toe. Door deze vorm ontstaat een bijzonder ontroerende film, die op schitterende
wijze de worsteling om uit de kast te komen weergeeft. De romance tussen Adam en
Harry wordt op een bijzonder liefdevolle manier gebracht. Twee mannen, die voor het
eerst echt op iemand verliefd worden en voorzichtig, alsof ze nog pubers zijn, elkaars
gevoelens verkennen.
Het spel van Andrew Scott (Fleabag, Ripley) en Paul Mescal (Normal People,
Aftersun) is fenomenaal. Het is onvoorstelbaar hoe deze acteurs met nauwelijks
waarneembare gezichtsveranderingen verschillende emoties kunnen oproepen.
Beiden verdienen een Oscar voor beste acteur.
Een film die je gezien moet hebben, zowel de boodschap van de film als de
acteerprestaties raken diep.
________________________________________________________________________________________
Filmhuis PX : woensdag 27 november 2024. Deur open: 19:30 – aanvang film: 20:00